De Digitale Stad Nieuwegein geeft iedereen de ruimte om zijn creativiteit met woorden kwijt te kunnen. In de rubriek 'Dichterbij Nieuwegein' doen we het in dichtvorm. Kun je dichten, en gaat het over een plekje in Nieuwegein en is het dichtbij ons, laat het onze redactie weten. Het liefst met een foto erbij.
De Delftse dichter Stalpaert van der Wiele, die in 1630 overleed, schreef ooit
een uitvoerig gedicht over de molenperikelen en de ellende in Jutphaas die daarmee gepaard ging. Zijn gedicht eindigde met de volgende regels:
"Wie kan ít de meulen wijten?
de meulenaer is de dwaes.Of laet dan, dus te krijten.
Of komt mij te Jutfaes beschuldigen met rede.
Want dat is de eigen stede
daer ít malle meulenrecht
bepleit te worden plecht."

Samen met kunstenaarsduo Frans de Boer en Marja de Boer-Lichtveld en de deelnemers aan de websiteactie van de gemeente Nieuwegen en andere belangstellenden, wijde wethouder Hans Reusch het kunstwerk De Krul in op zijn nieuwe plek aan de Zuidstedeweg.
In totaal gaven 14 inwoners gehoor aan de oproep hun herinnering of associatie met het kunstwerk te plaatsen op de website of facebook van de gemeente. Winnares van deze actie was Ans de Groot, die met een mooi gedicht over het kunstwerk een theaterbon van De KOM uitgereikt kreeg. Het winnende gedicht:
De Krul
De Krul van Nieuwegein,
Hoopvol en verbindend,
Op het stadsplein…..
De Krul, een uitdagend begin
zonder einde.
Symbolisch voor ontwikkeling,
toekomst, perspectief!
Dus Krul, ik heb je lief!
Ik miste je glans in de stralende zon,
omgeven door het ijzeren cordon.
Het is mij zeker niet ontgaan,
we staan niet stil in deze stad,
de bouwput ligt gedeeltelijk open.
Nu is de cirkel bijna rond,
Heeft deze Krul haar cruciale plek gevonden,
ons voor goed met deze stad verbonden.
er komt een eind aan de krant 'ons nieuwegein'. tot mijn spijt betekent dat ook, dat waar ik in de nieuwe krant doorga met de rubriek 'woordenwisseling', deze niet meer op de digitale stad nieuwegein (pen.nl) mag worden gepubliceerd. dat heeft te maken met dingen waar ik zelf slecht in ben, zoals zakelijke belangen. jammer, want pen.nl heeft een belangrijke positie waar het gaat om lokaal nieuws. ik parkeerde mijn teksten hier met veel plezier en ik zal pen.nl blijven volgen.
wilt u de teksten over nieuwegein digitaal blijven volgen, dan kan dat op http://woordenwisseling-met-nieuwegein.blogspot.nl/
de laatste bijdrage op de site van pen.nl derhalve:
ik zeg niet meer ‘ons nieuwegein’
het is gedaan, de laatste editie van ‘ons nieuwegein’ knispert in uw vingers. altijd een weemoedig moment als iets, wat vertrouwd werd, om wat voor reden dan ook verdwijnt. en tegelijk is verdwijnen het woord niet, want de krant gaat in een andere opzet en met een andere naam (nieuwegein dichtbij) door. hoe het eruit gaat zien, merken we volgende week. men belooft een nieuw fris uiterlijk. u begrijpt de blosjes op mijn wang, de ‘woordenwisseling’ mag blijven. ik neem dus slechts afscheid van de oude naam, met een knipoog naar de nieuwe.
ik zeg niet meer ‘ons nieuwegein’
ik zeg niet meer ‘ons nieuwegein’
ik had al eerder moeten weten
nieuwegein wordt niet bezeten,
niemand kan haar eig’naar zijn
nee, eerder lijkt het omgekeerd
de stad, zij is veeleer constante
mensen zijn voor haar passanten
dankzij wier werk zij floreert
de stad zal hier nog zijn, na mij
en toch, het mij op haar beroemen
’t risico haar ‘ons’ te noemen
blijft steeds akelig dichtbij
© ton de gruijter
dat ik word ingehaald door jongere fietsers, daar doe ik niet moeilijk over. maar het is wel schrikken als duidelijk oudere mensen met een geringe trapbeweging voorbij komen. hier is meer aan de hand. in de tijd van oh dear, x-factor en i-pad is er dus ook de e-bike. en nieuwegein, niet onder de indruk van de grootste stroomstoring ooit, biedt deze ontwikkeling ruimte. er waren al oplaadpunten voor auto’s, nu nemen de oplaadpunten voor fietsen ook in aantal toe, zo ook bij het voor fietsers strategisch gelegen terras van eethuys poelzicht in vreeswijk. met al die ontwikkelingen ben ik benieuwd hoe de jeugdwielerronde van nieuwegein in 2013 zal verlopen.
stroomopwaarts!
stroomopwaarts gaat het in de stad
er komen oplaadpunten bij
u fietst met volle batterij,
d’ evolutie op ’t rijwielpad
stroomopwaarts neemt u dan de dijk
het kost u straks geen moeite meer
het is gedaan met kuitenzeer
u wint aanzienlijk aan bereik
stroomopwaarts! ’t is een nieuwe tijd
waarin u ’n kopje koffie pakt,
de fiets zit in het stopcontact
heel nieuwegein is voorbereid
en hoe zal ’t gaan met wielersport?
de snelste die de zege neemt
een ander die onwennig claimt:
‘maar mijn verlengsnoer was te kort’
© ton de gruijter
ik doe niet aan ‘historisch juist’. ik beperk me tot wat ik zie en daar van denk. zo ook in jutphaas. de t-kruising, waar herenstraat en armensteeg elkaar tegenkomen is zo’n plek waar de fantasie me vertelt hoe het geweest zou kunnen zijn.
herenstraat en armensteeg
en nu de wereld is verdeeld
in goed van geld of ’t zal niks worden
plaatst men voor ’t gemak wat borden
straten zelfs zijn toebedeeld
plaveisel voor de herenstraat
een rijruig klinkt hier, hoefgeklater
uitzicht is er op het water
lamplicht schijnt hier ’s avonds laat
hoe anders leeft de armensteeg
hier klinkt het klossen op de klompen
haalt men het water uit de pompen
moet men het doen met wat men kreeg
zo naast elkaar, nooit op bezoek
want ieder heeft een plek gekregen
ieder gaat de eigen wegen
maar niet verder dan de hoek
© ton de gruijter
ik ben van zo’n leeftijd dat ik een coffeeshop ken als ruimte waar koffie werd gedronken. enkele durfals waagden zich aan thee of fris. ook waren er gevulde koeken en tosti’s. op de een of andere manier verdwijnt die associatie niet en als dan gelezen wordt dat de enige coffeeshop, die nieuwegein rijk was niet langer wordt gedoogd, ontstaat een vreemde mijmering.
gesloten coffeeshop
’t gezag, dat voerde jaren strijd
was wars van ’t ongezond genot
de coffeeshop is nu op slot
van één-beleid naar géén-beleid
de coffeeshop is nu echt dicht
de liefhebbers staan nu op straat
proberen stiekem ’s avonds laat
een slok te scoren, uit het zicht
het park is er getuige van
de troost wordt illegaal gehaald
en naast een weggeworpen naald
ligt nu ’n gebruikte koffiekan
© ton de gruijter
De oude Lekbrug bij Vianen in Rijksweg 2 is gebouwd in 1936. In de Tweede Wereldoorlog werd de brug verwoest, na de bevrijding werd een tijdelijke schipbrug aangelegd. In 1948 werd de boogbrug opnieuw opengesteld voor het wegverkeer, in 1949 was de brug weer volledig hersteld. De hoofdoverspanning van de brug is 153 meter lang, en de brug is 29 meter breed. De totale lengte van de brug is 532 meter.
Vanaf eind jaren '90 werden naast de oude Lekbrug twee nieuwe bruggen gebouwd. De eerste, de Jan Blankenbrug, was gereed in 1999. Medio 2006 was de tweede nieuwe brug gereed. De nieuwe bruggen waren nodig om de huidige verkeersstroom te kunnen verwerken. De oude Lekbrug was te smal en daardoor een berucht punt in de file top-10. De oude Lekbrug heeft door de bouw van de nieuwe bruggen geen functie meer en zal worden gesloopt.
De brug
ik ga naar Vreeswijk om de brug te zien
met dank aan Nijhoff zie ik er nu twee
de eerste een struise boog, als een vrouw
de tweede een vaag betonnen schaduw
verkeer voegt zich volgzaam naar de brug
schepen snijden door hun weerspiegeling
dit kruispunt van internationaal gekrioel
duwt met geweld de groene oevers vaneen
wil ik dan toch de twee oevers verbinden
ben ik gedoemd het te doen in een gedicht
met woorden trek ik een ritmische lijn
door de V's van Vreeswijk en Vianen
© Jack Koehorst
nedereindseweg; naast huisnummer 405 lokt een brugje naar een fiets- en voetpad. en daar moet u heel langzaam gaan. langzaam, omdat u anders het hek van de nieuwegeinse kruidentuin pardoes passeert. en dat is jammer, want de kruidentuin is een mooi oord om even tot rust te komen in deze ambitieuze stad. het enige wat herinnert aan de moderne tijd is het zachte geluid van de snelweg. ik heb geen verstand van planten en heb alleen groene vingers als ik probeer wat onkruid te verwijderen. ik heb me laten helpen door de ‘kruiden-plattegrond, die bij de ingang staat.
verdriet in de kruidentuin
zij zijn beperkt door pad en haag
van afstand zucht hij ‘kijk, daar is ze
ik heb haar lief, citroenmelisse’
en zij ziet hem haast net zo graag
maar leverbloem en pimpernel,
moerasspirea staan ertussen
voorkomen dat hij haar kan kussen
de mierikswortel plaagt ‘ik wel’
ach kruidentuin, zo vol verdriet!
hij vangt slechts af en toe haar geuren
als treurberk blijft hij verder treuren
hij wil haar wel maar kan haar niet
© ton de gruijter
het is er nog niet, maar het hangt in de lucht. de fietsbrug. nu hangen bruggen over het algemeen in de lucht, maar dit terzijde. men is van plan de fietsverbinding tussen nieuwegein en houten weer te herstellen, nadat deze, door het graven van een extra kanaalbreedte bij de plofsluis, verloren ging. als u niet weet waarom dat allemaal nodig was, er is genoeg documentatie over. mij gaat het even om de plofsluis en de fietsbrug. lijkt mooi te passen in het streven ook hier een fietsvriendelijke stad te worden. moet men wel even vanaf de malapertweg een tunneltje prikken onder de plettenburglaan. daar is geen geld voor!! ik zou zeggen; laat even iets anders liggen en doe dingen in één keer goed.
plofsluis
ontworpen werd ze voor een doel
in één klap zou ze weggevaagd
maar niemand heeft haar dat gevraagd
het is een onbestemd gevoel
de heldenrol, die zij nooit kreeg
zij werd van nutteloos beton
een oorlog, die te snel begon
en zij, zij plofte niet, zij zweeg
nu trekt men straks de route door
dan komt de stoet van dagjesmens,
van brommer en van fietsforens
en zij blijft hangen, als decor
@ ton de gruijter
we kregen een klein voorproefje tijdens de grote stroomstoring. er reden geen trams. en nu weer niet. de periode van de zomervakantie wordt benut om groot onderhoud te plegen. geen connexxion-trams, geen weense spitstrams, geen trams. wel bussen, die toeterend de haltes langs gaan. dat zal me een vrolijk gekwaak zijn. het is natuurlijk wel een vreemde gewaarwording. de tram, onze verbinding met de rest van de wereld, zoals ijsselstein, of verder nog, het grote utrecht, rijdt niet meer.
verdwenen trams
het was een drukte van belang
te druk, ze kwamen zelfs uit wenen
nu zijn alle trams verdwenen
’t duurt zegt men zes weken lang
ik vind het niks, dat dode spoor
‘k mis railgesnerp en belgerinkel
’t sein van ‘mee naar stad en winkel’
’t klinkt zo leeg nu in het oor
dezelfde reis, maar and’re tocht
en bussen rijden af en aan
ik heb een zitplaats opgezocht
ik kijk met weemoed naar de baan
en denk bij ’n onverhoedse bocht
‘wanneer zal daar de tram weer gaan?’
© ton de gruijter