De redactie van De Digitale Stad Nieuwegein heeft de verkiezingsprogramma’s van de lokale politieke partijen naast elkaar gelegd en vergeleken op zes hoofdthema’s. Maar wie alleen vergelijkt, mist vaak waar het écht over gaat. Daarom leest Jan met de Pet de programma’s zoals veel inwoners dat doen: tussen de regels door. Wat zegt een partij over mensen, over vertrouwen, over macht en over wie er wel en niet mee mag doen? Deze week het verkiezingsprogramma van het CDA in Nieuwegein.
Jan met de Pet heeft Helen Adriani tegenover zich. Ze glimlacht, rustig, beheerst. Blauwe blazer, vaste blik. Geen geschreeuw, geen theater. Het CDA in Nieuwegein presenteert zich als betrouwbaar midden, als anker in onrustige tijden. Jan roert in zijn koffie en zegt: “Samen sterker. Dat klinkt mooi. Maar samen met wie, en sterker dan wat?” Geen revolutie, maar correctie.
Wat Jan opvalt aan het CDA-programma is wat er níet in staat. Geen grote systeemkritiek. Geen breekijzers. Geen belofte om de stad radicaal om te gooien. Het is eerder een correctieprogramma. Repareren wat schuurt. Bijsturen waar het misloopt. Dat is degelijk. Maar ook veilig.
Het CDA gelooft zichtbaar in de tussenlaag van de samenleving. Vrijwilligers, mantelzorgers, buurtinitiatieven, ondernemers, verenigingen. Niet de markt als hoogste macht, niet de overheid als allesregelaar. Maar de gemeenschap. Jan knikt. “Dat is sympathiek. Maar ook een beetje nostalgisch. Alsof iedereen nog lid is van de kerk, de voetbalclub en het zangkoor.”
Morele ondertoon
Onder het hele programma zit een morele laag. Fatsoen. Normen. Verantwoordelijkheid. De aanpak van afvaldumping is daar een mooi voorbeeld van. Niet alleen praktisch, maar principieel. Wie zijn rommel neerpleurt, ondermijnt de gemeenschap.
Hetzelfde bij huiselijk geweld. Het CDA kiest duidelijk partij voor slachtoffers en wil desnoods daders uit huis zetten. Geen relativering, geen wolligheid. Dat is stevig. Maar Jan denkt hardop: “Jullie willen fatsoen herstellen. Prima. Maar fatsoen laat zich niet verordenen. Hoe ga je dat doen zonder dat het moralistisch wordt?”
Basisinkomen? Van het CDA?
Dan komt het moment waarop Jan zijn wenkbrauwen optrekt. Experimenteerruimte voor basisinkomen voor mensen die langdurig in de bijstand zitten. “Wacht even,” zegt hij. “Het CDA dat openstaat voor onvoorwaardelijke uitkeringen?”
Dat is geen klassiek rechts geluid. Dat is pragmatisme. Als mensen structureel niet aan het werk komen, blijf je ze dan controleren of geef je rust? Hier zie je een partij die niet bang is om ideologische grenzen op te rekken, zolang het binnen het kader van verantwoordelijkheid blijft. Want begeleiding blijft verplicht. Vrijheid, maar niet vrijblijvend. Dat is CDA in een notendop.
Gemeenschap als oplossing voor alles?
Toch schuurt het bij Jan. Het woord “samen” komt zó vaak terug dat het bijna een mantra wordt. Samen tegen eenzaamheid. Samen tegen armoede. Samen tegen verloedering. Samen in zorg. Samen in duurzaamheid.
Maar wat als samen niet lukt? Wat als buurten individualiseren? Wat als mensen geen tijd hebben voor mantelzorg? Wat als vrijwilligers opraken? Dan moet de overheid harder trekken. En daar blijft het CDA wat vaag. De gemeente ondersteunt, faciliteert, stimuleert. Maar waar is de grens? Wanneer wordt faciliteren gewoon overnemen?
Orde, rust en regelmaat
In mobiliteit en openbare ruimte zie je ook die behoefte aan orde. Sluipverkeer aanpakken. 30 kilometer in wijken. Gratis eerste uur parkeren. Gratis toiletten. Geen evenemententerrein in Parkhout. Dat laatste zegt veel. Rust boven reuring. Groen boven spektakel. Structuur boven experiment. Jan grijnst: “Het CDA is niet van de rave in het park. Het is van de picknick met koffie in een thermoskan.” Daar is niets mis mee. Maar het is wel een duidelijke keuze. De grote vraag: durven jullie kiezen?
Wat Jan uiteindelijk mist, is conflict. Niet het schreeuwerige conflict van de landelijke politiek, maar de echte lokale botsing van belangen. Als er straks minder geld is, waar snijdt het CDA dan als eerste? In cultuur? In sport? In zorg? In ambtelijke capaciteit? Het programma zegt dat voorzieningen prioriteit houden, maar elke euro kan maar één keer uitgegeven worden. Samen sterk klinkt goed. Maar samen betekent ook: samen pijn verdelen.
Het gesprek aan tafel
Helen blijft rustig. Ze straalt betrouwbaarheid uit. Geen populisme, geen grote woorden. Ze lijkt het type bestuurder dat liever een oplossing uitonderhandelt dan een tweet verstuurt. Jan kijkt haar aan en zegt: “Jullie zijn het geweten van het midden. De partij die de boel bij elkaar wil houden. Maar soms moet iemand ook durven duwen. Wie duwt er bij het CDA?” Ze glimlacht. Geen direct antwoord. En misschien is dat precies de strategie. Niet duwen. Niet trekken. Maar verbinden.
Jan neemt een slok en concludeert: “Het CDA wil een stad die niet uit elkaar valt. Dat is een legitieme ambitie. Maar de vraag is of verbinden genoeg is in een tijd waarin alles schuift.”
Hij zet zijn kopje neer. “Betrouwbaar zijn is een kracht. Maar zonder scherpte wordt betrouwbaarheid voorspelbaarheid. En voorspelbaarheid wint niet altijd verkiezingen.” Zo kijkt Jan met de Pet naar het CDA. Niet vijandig. Niet lyrisch. Maar kritisch, op het randje. Zoals het hoort in een stad die zichzelf serieus neemt.
Ontdek meer van De Digitale Stad Nieuwegein
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
