
De 49-jarige man die vorig jaar zomer een 7-jarig meisje aanviel in een speeltuin in Batau Zuid krijgt geen gevangenisstraf. De rechtbank Midden-Nederland oordeelt dat de man tijdens het incident in een psychose verkeerde en dat de bewezen feiten hem daarom niet kunnen worden toegerekend. De man wordt verplicht opgenomen en behandeld in de forensische geestelijke gezondheidszorg.
Het incident gebeurde op maandagavond 7 juli 2025 in een speeltuin bij de Havezatedrift. De Digitale Stad Nieuwegein berichtte daar die avond al over. Politie en ambulance gingen rond 19.45 uur naar de wijk, nadat was gemeld dat een jong meisje met een schaar was aangevallen. Het meisje raakte lichtgewond en hoefde niet naar het ziekenhuis.
Volgens de rechtbank kwam de man de speeltuin in, pakte het meisje vast, drukte haar tegen de grond en ging op haar zitten. Het meisje lag op haar buik. De man had een schaar in zijn hand en riep dat hij haar ging vermoorden. De rechtbank stelt vast dat hij de schaar bij haar nek hield en haar in haar wang prikte. Het meisje liep onder meer verwondingen op bij haar oor, wang, hals, rug, arm en benen.
Toch vindt de rechtbank niet bewezen dat de man heeft geprobeerd het meisje te doden of zwaar te mishandelen. Daarvoor is volgens de rechtbank onvoldoende bewijs dat hij daadwerkelijk stekende bewegingen naar haar maakte of bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat zij zou overlijden of zwaar lichamelijk letsel zou oplopen. Wel acht de rechtbank mishandeling, bedreiging en wederrechtelijke vrijheidsberoving bewezen.
De zaak draaide niet alleen om het meisje. De man had eerder die dag ook met een schaar stekende bewegingen gemaakt richting het hoofd en de nek van een man die in een auto zat. Dat levert volgens de rechtbank geen poging tot doodslag op, maar wel een poging tot zware mishandeling. Verder acht de rechtbank bewezen dat de man anderen heeft bedreigd, een auto heeft beschadigd, iemand heeft geduwd en de dag ervoor iemand met een riem heeft geslagen.
Al langer zorgen over verward gedrag
Uit het vonnis blijkt dat er in de aanloop naar 7 juli al meerdere meldingen over de man waren gedaan. Er waren zorgen omdat hij steeds verwarder gedrag vertoonde. De crisisdienst was op de middag van het incident nog bij hem langs geweest. Toen werd afgesproken dat hij dagelijks bezocht zou worden om medicatie toe te dienen en zijn gedrag in de gaten te houden. Later die dag ging het alsnog mis.
De man verklaarde op zitting dat hij al langere tijd zeer angstig en gestrest was en in een zware psychose was terechtgekomen, met hallucinaties en wanen. Deskundigen concludeerden dat hij ten tijde van de feiten leed aan een psychotisch toestandsbeeld in de zin van schizofrenie. Zijn waarneming en belevingswereld waren volgens hen ernstig aangetast. Hij dacht dat mensen hem wilden vermoorden en dat hij werd achtervolgd.
De rechtbank neemt die conclusies over. Volgens de rechters was er een direct verband tussen de psychose en de strafbare feiten. De man had daardoor geen keuzevrijheid meer en was niet in staat zich anders te gedragen. Juridisch betekent dit dat de feiten wel strafbaar zijn, maar dat de verdachte zelf daarvoor niet strafbaar wordt verklaard. Hij wordt daarom ontslagen van alle rechtsvervolging.
Geen tbs, wel verplichte opname
Het Openbaar Ministerie wilde dat de man tbs met voorwaarden zou krijgen. Ook de reclassering zag daarin voordelen, omdat tbs een steviger juridisch kader biedt voor toezicht, medicatie, abstinentie en begeleid wonen. De rechtbank kiest daar niet voor. Volgens de psychiater en psycholoog is tbs niet noodzakelijk, zolang de man de juiste zorg krijgt.
De rechtbank verleent daarom ambtshalve een zorgmachtiging voor zes maanden. Daarmee kan de man verplicht worden opgenomen en behandeld in een forensische ggz-kliniek. De rechtbank benadrukt dat zo’n zorgmachtiging kan worden verlengd en dat daarmee ook kan worden gestuurd op medicatie en het voorkomen van terugval in middelengebruik.
Daarnaast krijgt de man een vrijheidsbeperkende maatregel voor drie jaar. Hij mag geen contact zoeken met de slachtoffers en mag zich niet ophouden in de speeltuin en het omliggende gebied. Overtreedt hij dat verbod, dan kan per overtreding maximaal twee weken hechtenis volgen, met een maximum van zes maanden.
Ruim 22.500 euro schadevergoeding
De rechtbank wijst ook schadevergoedingen toe. Het meisje krijgt 7.500 euro aan immateriële schadevergoeding. Omdat zij minderjarig is, moet dat bedrag op een beschermde rekening worden gestort. Haar moeder krijgt 7.661 euro, onder meer vanwege schokschade en materiële schade. Andere slachtoffers krijgen bedragen van 2.113,80 euro, 1.727 euro en 3.576,12 euro. In totaal gaat het om ruim 22.500 euro, exclusief rente en proceskosten.
Voor de buurt in Batau Zuid is daarmee juridisch een belangrijk hoofdstuk afgesloten, maar de rechtbank maakt ook duidelijk dat de impact groot blijft. Meerdere slachtoffers kampen nog altijd met angst, herbelevingen of lichamelijke klachten. De zaak laat opnieuw zien hoe dun de lijn kan zijn tussen zorg, veiligheid en strafrecht, zeker wanneer iemand ernstig psychotisch raakt en pas wordt ingegrepen als het al mis is gegaan.
Ontdek meer van De Digitale Stad Nieuwegein
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.